Soms over diergeneeskunde

Sarne De Vliegher


Ook 2025 is een verkiezingsjaar (1)

2024 stond bol van de verkiezingen. We kozen onze politieke vertegenwoordigers voor Europa, België, Vlaanderen, de provincies en de gemeentes. Voor dierenartsen stopt het daar niet bij. In 2025 bestaat de Orde der Dierenartsen 75 jaar en eventuele festiviteiten zullen namelijk voorafgegaan worden door verkiezingen. We kiezen dan nieuwe vertegenwoordigers voor de Franstalige en Nederlandstalige Gewestelijke Raden en Gemengde Raden  van Beroep. Binnen de Gewestelijke Raden worden dan voor de komende drie jaar de vertegenwoordigers in de Hoge Raad verkozen.

Niet belangrijk of interessant? De Orde der Dierenartsen garandeert nochtans aan de maatschappij en de stakeholders dat dierenartsen hun belangrijke taken op herhaalbare en correcte manier uitvoeren en dat dierenartsen betrouwbare partners zijn. De Orde doet dat via door dierenartsen opgestelde regels en haar tuchtbevoegdheid. De collega’s die vanaf 14 oktober 2025 deze regels opstellen/aanpassen of in het tuchtcollege zetelen, moeten wij straks verkiezen. En de nieuwverkozenen moeten die taken zo professioneel mogelijk invullen.

Ik schreef al vaker over de Orde en dossiers die (al dan niet dringend) aan bod moe(s)ten komen, probeerde ik op te lijsten. Er werden de laatste jaren na een heel woelige periode – met dank aan de huidige ploeg – zeker belangrijke stappen gezet. Denk maar aan de professionele financiële opvolging en rapportering door de Nederlandstalige Gewestelijke Raad van de Orde der Dierenartsen (NGROD) gekoppeld aan een performant secretariaat, het doorontwikkelen van het ICT systeem dat wij tussen 2013 en 2016 binnen de NGROD installeerden, digitale verkiezingen, een verduidelijkte tuchtprocedure (die nu nog meer rekening houdt met de beginselen van behoorlijke procesvoering), … Daarnaast werd een hulplijn voor dierenartsen in nood opgezet samen met de Orde van Artsen, werd werk gemaakt van een wachtdienstregeling en werden de modaliteiten waarbinnen de diergeneeskunde in België kan worden uitgeoefend, aangescherpt, beide via een aanpassing aan de Code.

Uiteraard blijven er nog heel wat werven over, zowel wat betreft de werking van de Orde zelf als wat betreft dossiers die het beroep aanbelangen. Het is daarbij belangrijk te begrijpen dat Ordes, niet alleen de onze, in de toekomst minder impact zullen hebben dan vandaag en gisteren. Dat heeft te maken met Europese regels die vertaald werden in Belgische wetgeving en die Ordes dwingen in de toekomst meer te focussen op hun kerntaken en bijvoorbeeld weg te blijven van deontologische bepalingen die de concurrentie (mogelijks) beperken. Nieuwe deontologische regels moeten ook steeds afgetoetst worden aan onder andere het proportionaliteitsbeginsel alvorens ze via de Code kunnen worden uitgevaardigd. Al die (vaak Europese) regels kennen en opvolgen, wordt meer en meer een uitdaging en vereist (juridische) mankracht, visie en samenwerking.

Zelf blijf ik – nochtans niet van teflon of beton – grote fan van de Orde als instituut en wel omdat ze ons toelaat, zonder inmenging van derden, eigen regels te maken en die op te volgen via tuchtraden bevolkt door dierenartsen die als tuchtrechters zetelen. Dat is een unieke gedelegeerde overheidstaak en, ook al zijn weinig collega’s overtuigd, de Orde kan op die manier, met respect voor de wettelijke aflijning van haar taken, voor het beroep erg veel betekenen. Gezien die tuchtbevoegdheid en de potentieel verreikkende impact daarvan op de praktijkdierenartsen moet de Orde uiteraard zelf ook excelleren in professionaliteit. Een Orde die te vaak de bal (half) misslaat als het gaat over de wetgeving die het beroep reguleert, is een voorbeeld van wat beter moet.    

“Alles kan beter” schreeuwen is uiteraard makkelijk, beter is het zich te engageren. Dat kan door nu al – luidop én samen – na te denken over zaken die de nieuwe raadsleden kunnen / mogen / moeten aanpakken. De komende weken zal ik alvast enkele zaken voorstellen maar het zou fijn zijn moesten veel collega’s willen meedenken Alle input, suggesties en feedback zijn dus zeer welkom!

Stay tuned!

En: #durfdenken #durfluidopdenken

(lees verder https://sarnedevliegher.com/2025/03/31/ook-2025-is-een-verkiezingsjaar-2/ en https://sarnedevliegher.com/2025/05/15/ook-2025-is-een-verkiezingsjaar-3/)



2 reacties op “Ook 2025 is een verkiezingsjaar (1)”

  1. […] ik een tijdgeleden schreef: ook 2025 is voor de dierenartsen een verkiezingsjaar. We kiezen samen de raadsleden voor de […]

Geef een reactie op Ook 2025 is een verkiezingsjaar (2) – Soms over diergeneeskunde Reactie annuleren

OVER DEZE BLOG

Op deze blog schrijf ik – meestal – over diergeneeskunde. Ik vind het fijn om op deze manier mijn gedachten te ordenen en zaken te analyseren. Ik hoop daarmee de discussies in en over onze beroepsgroep op een onderbouwde en respectvolle manier te voeden zodat we samen kunnen nadenken over de toekomst.

OVER MEZELF

Al 28 jaar werkzaam aan de Faculteit diergeneeskunde van de UGent, eerst als rundveedierenarts, vandaag vooral als onderzoeker (M-teamUGent) en hoogleraar, denk ik luidop mee over de toekomst van de diergeneeskunde in Vlaanderen, België en daarbuiten.

(Foto: Eric Senmartin)

Ik engageer me liever dan (alleen) aan de zijlijn kritiek te leveren. No lead role in a cage for me.

Mijn gezin (getrouwd met een superdierenarts!), de natuur, de politiek (lokaal N-VA voorzitter), het voetbal (RSCA, SK Munkzwalm), klassieke (JS Bach), electronische (JM Jarre, Vangelis) en filmmuziek (H Zimmer, J Newton Howard) naast Dire Straits en Pink Floyd/David Gilmour, rode (Bourgogne) wijnen en dé diergeneeskunde zijn mijn passies. Mijn professionele interesses liggen bij diergeneeskundig ondernemerschap, recht en ethiek, en dierenwelzijn.

Mijn wetenschappelijk onderzoek rond uiergezondheid bij melkkoeien – een andere hobby – bracht me al in veel uithoeken van de wereld. Die ervaringen doen me beseffen dat het hier in Vlaanderen goed toeven is.

LinkedIn Rewind 2024

“LE BEAU EST L’ÉCLAT DU VRAI.” (Hegel).

Nieuwsbrief