Soms over diergeneeskunde

Sarne De Vliegher


Waarom ik me opnieuw kandidaat stel voor de verkiezingen van de Nederlandstalige Gewestelijke Raad (NGROD) en de Hoge Raad (HR) van de Orde der Dierenartsen

Twee-en-een half jaar terug verliet ik na zes jaar de NGROD en de HR. De laatste drie jaren als voorzitter van de NGROD waren niet gemakkelijk maar dat weerhield ons, de meerderheid van de ploeg, niet om de NGROD klaar te maken voor de 21e eeuw. Ik heb in die zes jaren met heel fijne collega’s en met hart en ziel gewerkt aan het imago van de Vlaamse dierenartsen en we deden dat in goed overleg met de Waalse collega’s. We lieten de NGROD financieel gezond en in een prachtig jong pand achter, klaar voor de toekomst. Ik realiseer me ten volle dat veel van onze verwezenlijkingen werden ondergesneeuwd door een stroom aan verdachtmakingen uit één hoek maar koester de hoop dat ondertussen meer dan duidelijk is geworden dat die nergens op sloegen.

Ik heb lang geen enkele ambitie gehad om terug te keren naar de Orde. De met momenten erg negatieve ervaringen als voorzitter wogen zwaarder dan de positieve aspecten. Wel ben ik luidop blijven nadenken over de diergeneeskunde in Vlaanderen en België. Het aangename en constructieve debat dat onlangs doorging op de Faculteit Diergeneeskunde en georganiseerd werd door Cathy Tourlouse deed me echter twijfelen en vandaag ben ik klaar om mezelf opnieuw verkiesbaar te stellen. Ik doe dat deels omdat ik ontgoocheld ben – ik druk me zacht uit – in wat er zich de laatste twee-en-een-half jaar afspeelde in de NGROD en de HR maar vooral omdat ik ervan overtuigd ben dat ons beroep nood heeft aan een positieve lange termijn visie, niet aan korte termijn denken of conflicten.

Er ligt veel werk op de plank en de tijd is gekomen om de goede zaken van de laatste legislaturen verder te zetten of opnieuw op te pikken en een einde te maken aan alle conflicten. Dat zal inspanningen vergen maar het is tijd om de weg verder vrij te maken voor een Orde 2.0 die meer nog dan vroeger ten dienste staat van de collega’s. De NGROD blijft uiteraard een tuchtcollege waarin collega’s het diergeneeskundig handelen van collega’s beoordelen. Daarnaast zijn er ontelbare initiatieven die de Orde, zowel vanuit de NGROD als vanuit de HR en in samenspraak met de ganse beroepsgroep, kan ontwikkelen om dierenartsen nog meer als betrouwbare partners naar voor te schuiven en om hen te helpen zich positief te ontwikkelen in hun praktijkvoering. We onderschatten heel vaak de belangrijke taken die we allen samen vervullen binnen de maatschappij. Het wordt tijd om daar meer de nadruk op te leggen, onszelf en elkaar meer te respecteren, ons als groep meer te laten respecteren en samen werk te maken van positieve projecten. De Orde kan en moet daar een rol in spelen.

Concreet stel ik me verkiesbaar om samen met een nieuwe, proactieve en positief ingestelde ploeg aan meerdere dossiers te werken. Zo wil ik, in goed overleg met de andere raadsleden:

  • een hulplijn voor dierenartsen in geestelijke nood helpen organiseren. De Orde beschikt niet over de competenties om oplossingen te voorzien voor onze collega’s met vragen of problemen maar moet hen écht kunnen helpen door bijvoorbeeld een structurele en door de NGROD gefinancierde samenwerking met organisaties als Mensura op te zetten.
  • nadenken over hoe we de diergeneeskundige praktijk opnieuw aantrekkelijk kunnen maken voor de jonge collega’s zodat ze langer in het beroep actief blijven. Luisteren naar wat de noden, vragen en beslommeringen zijn van de jonge collega’s en studenten lijkt me een eerste stap. Hen samenbrengen met de oudere collega’s om zo de verwachtingspatronen op elkaar af te stemmen de tweede.
  • nadenken over het nut van een vertrouwenspersoon waar diereigenaren met vragen over het handelen van hun dierenarts terecht kunnen om zodoende het effectief aantal klachten bij de NGROD tegen dierenartsen, voornamelijk actief in de gezelschapsdieren, te verminderen.
  • werk maken van een wettelijk en deontologisch kader voor dierenverpleegkundigen en diergeneeskundige helpers. Ik schreef daar vorig jaar al mijn gedachten over neer.
  • in gesprek gaan met de groepen die willen investeren in de diergeneeskunde met de bedoeling onder duidelijke voorwaarden en binnen de schoot van de HR extern kapitaal in de diergeneeskunde toe te laten. Mijn vooruitschrijdend inzicht daarover kan je hier lezen.
  • de goede contacten met de overheid, de ministeriële kabinetten en de stakeholders van de dierenartsen aanhalen met de bedoeling dierenartsen opnieuw als betrouwbare partners naar voor te kunnen schuiven.
  • nagaan hoe de jarenlange ervaring van de magistraten van onze Orde verzoend kan worden met de vraag naar verandering in bijvoorbeeld de tuchtprocedures.
  • daarbij aansluitend, meewerken aan het implementeren van de vernieuwde tuchtprocedure, gebaseerd op het jarenlange overleg binnen de Interorde vergaderingen, het overleg met de andere Ordes.
  • de state-of-the-art ICT infrastructuur van de NGROD ten volle benutten, in eerste instantie om digitale verkiezingen mogelijk te maken in 2022 (daartoe moet ook het wettelijk kader aangepast worden) en in tweede instantie om het kadaster van de Vlaamse dierenartsen een nieuw elan te geven om zodoende op basis van betrouwbare data gesprekken te kunnen aangaan met de faculteiten en de bevoegde politici over de noden van het beroep.
  • de samenwerking tussen de 2 Vlaamse syndicaten verder stimuleren en de regionale verenigingen, de interregionale vereniging en de wetenschappelijke verenigingen waar mogelijk in hun werking ondersteunen. United we stand, divided we fall!
  • daarbij aansluitend, verder nadenken over hoe we onze overhead kunnen doen dalen. Dat ik al enige tijd droom van een Domus veterinaria is daar niet vreemd aan. De nieuwe legislatuur moet alles in het werk stellen om de samenwerking tussen alle dierenartsen te verbeteren zodoende eindelijk met één stem en op professionele wijze onze belangen te verdedigen. De verdeeldheid van de laatste jaren heeft ons als groep alleszins sterk verzwakt.
  • samen met de Waalse collega’s nadenken over de vraag in welke mate het wettelijk kader van de Orde kan herzien worden om de gewestelijke raden rechtspersoonlijkheid en een grotere autonomie te geven. Problemen zoals we die de laatste twee-en-een-half jaar hebben gekend, moeten vermeden worden. Het kan niet de bedoeling zijn dat discussies in de ene Gewestelijke Raad de andere besmetten of meesleuren in een financieel debacle.

Ik zie de Orde nog steeds, en nog meer dan vroeger, als een unieke hefboom voor onze beroepsgroep, een orgaan dat met haar middelen het positieve imago van de dierenartsen bewaakt en ondersteunt. Wat de laatste jaren gebeurde heeft zonder meer een knauw gegeven aan onze uitstraling. Het bedwingen van de huidige crisis en het mogelijk maken van een herstart, hopelijk op basis van verzoening, is dan ook het eerste dat dient te gebeuren. De NGROD moet zo snel mogelijk opnieuw een huis van vertrouwen worden, zowel voor de leden als voor externen.

Daarnaast heb ik als voorzitter van de NGROD geleerd dat (te) ver voorop lopen met nieuwe ideeën collega’s kan afschrikken. Meer nog dan tijdens mijn eerste passage bij de Orde zal ik, als ik verkozen raak, aansturen op overleg met alle collega’s, via hun vertegenwoordigers bij de syndicaten, de regionales, de interregionale, of via online bevragingen en wel om zaken af te toetsen, noden te leren kennen en om draagvlak te creëren voor verandering.

Graag wil ik mijn ervaring, expertise en netwerk opnieuw inzetten om de Orde verder te laten evolueren naar een modern en efficiënt orgaan dat de professionele inzet van de vele collega’s niet alleen ondersteunt maar ook kenbaar maakt aan de maatschappij en onze stakeholders. Daarnaast kijk ik er enorm naar uit om binnen Orde opnieuw inhoudelijk werk te leveren rond de verschillende boeiende dossiers die op ons afkomen.

In de hoop dat de verkiezingen sereen verlopen, dank ik mijn collega’s alvast voor het vertrouwen.



Eén reactie op “Waarom ik me opnieuw kandidaat stel voor de verkiezingen van de Nederlandstalige Gewestelijke Raad (NGROD) en de Hoge Raad (HR) van de Orde der Dierenartsen”

  1. […] recent aangekondigd, was ik opnieuw kandidaat voor de verkiezingen van de Nederlandstalige Gewestelijke Raad en de Hoge […]

Plaats een reactie

OVER DEZE BLOG

Op deze blog schrijf ik – meestal – over diergeneeskunde. Ik vind het fijn om op deze manier mijn gedachten te ordenen en zaken te analyseren. Ik hoop daarmee de discussies in en over onze beroepsgroep op een onderbouwde en respectvolle manier te voeden zodat we samen kunnen nadenken over de toekomst.

OVER MEZELF

Al 28 jaar werkzaam aan de Faculteit diergeneeskunde van de UGent, eerst als rundveedierenarts, vandaag vooral als onderzoeker (M-teamUGent) en hoogleraar, denk ik luidop mee over de toekomst van de diergeneeskunde in Vlaanderen, België en daarbuiten.

(Foto: Eric Senmartin)

Ik engageer me liever dan (alleen) aan de zijlijn kritiek te leveren. No lead role in a cage for me.

Mijn gezin (getrouwd met een superdierenarts!), de natuur, de politiek (lokaal N-VA voorzitter), het voetbal (RSCA, SK Munkzwalm), klassieke (JS Bach), electronische (JM Jarre, Vangelis) en filmmuziek (H Zimmer, J Newton Howard) naast Dire Straits en Pink Floyd/David Gilmour, rode (Bourgogne) wijnen en dé diergeneeskunde zijn mijn passies. Mijn professionele interesses liggen bij diergeneeskundig ondernemerschap, recht en ethiek, en dierenwelzijn.

Mijn wetenschappelijk onderzoek rond uiergezondheid bij melkkoeien – een andere hobby – bracht me al in veel uithoeken van de wereld. Die ervaringen doen me beseffen dat het hier in Vlaanderen goed toeven is.

LinkedIn Rewind 2024

“LE BEAU EST L’ÉCLAT DU VRAI.” (Hegel).

Nieuwsbrief